Skip to content

Dit zijn de verborgen parels en rafelranden van Rome

World
Dit zijn de verborgen parels en rafelranden van Rome

Een furieuze stier die door de mens in bedwang wordt gehouden, staat bovenop de toegangspoort van de Mattatoio, het oude slachthuis van Rome, een imposant staaltje industriële architectuur. Door de poort loop je de grote binnenplaats op, waarop tot 1975 de runderen achter grote ijzeren hekken werden samengedreven, om daarna te worden geslacht. Vandaag is deze plek met marktjes, concerten, debatten en culinaire ontdekkingen een plaats van alternatieve cultuur.

Rome is als hoofdstad van een voormalig wereldrijk een magneet voor reizigers gefascineerd door de oudheid. De oude Romeinen komen tot leven, niet alleen in de buurt van het Colosseum en de keizerlijke fora, maar ook in het park van de aquaducten, langs de oude Via Appia of in de oude Romeinse havenstad Ostia. Maar dus zeker ook in de buurt rond het oude slachthuis, dat het kloppende hart is van Testaccio. Deze wijk ontleent haar naam aan de scherven van de talrijke Romeinse kruiken (‘testae’, in het Latijn) die olijfolie, wijn en graan hadden vervoerd, en omdat ze niet konden worden hergebruikt kapotgeslagen in talloze stukjes terechtkwamen op de grote afvalberg waaromheen de buurt uiteindelijk werd gebouwd.

Centrum voor fotografie in Mattatoio, het voormalige slachthuis in Testaccio.

Testaccio ligt niet zo ver van het door toeristen platgelopen Trastevere (letterlijk: ‘Aan de overkant van de Tiber’), maar is iets rustiger. Metrostation Piramide ontleent zijn naam aan de piramide van Caius Cestius, een Romeinse politicus en priester die in de eerste eeuw voor Christus deze graftombe voor zichzelf liet bouwen. De elite in Rome was gefascineerd door Egypte en zijn farao’s.

Aan de achterkant, in een rustige tuin met uitzicht op de metershoge piramide, is de laatste rustplaats van de Engelse romantische dichter John Keats. Even verderop ligt ook zijn collega Percy Bysshe Shelley begraven, net als de zoon van de Duitse schrijver en dichter Goethe. De eerste dode werd hier begraven in 1716, en de begraafplaats is nog steeds actief. Wie hier begraven wil worden, mag geen Italiaan zijn, niet katholiek, en moet bij overlijden in Italië wonen.

De grafstenen van John Keats en Joseph Severn in Rome.

Maar er worden uitzonderingen gemaakt, want in de schaduw van cipressen en fuchsia en roze oleanders liggen ook enkele bekende Italianen, zoals de Siciliaanse detectiveschrijver Andrea Camilleri (de geestelijke vader van commissaris Montalbano), oud-president Giorgio Napolitano en de communistische intellectueel Antonio Gramsci. Zij mogen voor de eeuwigheid rusten op deze begraafplaats voor buitenlanders, gezien hun bijdrage aan cultuur en politiek.

Van hieruit is het een tiental minuten lopen naar de Mattatoio, het oude slachthuis, waarvan de gemeente Rome een heus kunstencentrum wil maken. Zover is het nog niet, tot nu toe zijn hier vooral afzonderlijke verenigingen en groepen actief. Er is een muziekschool waar „elk denkbaar instrument wordt aangeleerd aan zo’n 900 leerlingen van drie tot 90 jaar oud”, zegt persverantwoordelijke Franca Renzini. Tijdens de zomermaanden organiseert de school muziekworkshops, ook voor wie hier geen leerling is.

Op de binnenplaats van het voormalige slachthuis staan de meest uiteenlopende marktjes – zoals een ‘heksenmarkt’ met bizarre ‘magische’ parafernalia die in alle ernst worden verkocht – en tijdens de zomer vindt hier ook een rockfestival plaats. Echt grote sterren komen niet meer naar de festivalweide van Testaccio, legt Matteo Fago Esposito uit, die vlak naast de weide in de oude stallen een restaurant uitbaat. Gezellig is het nog steeds, maar de muzikale glorieperiode – in 1982 trad de Amerikaanse zanger-gitarist Frank Zappa hier op – is voorbij.

Fago Esposito’s restaurant Collettivo Gastronomico (‘Gastronomisch collectief’), met tafels buiten, op de binnenplaats van het slachthuis, trekt ’s middags jongeren en ’s avonds een traditioneler en iets ouder publiek uit de buurt. Het restaurant werkt met producten van lokale producenten, uit duurzame landbouw.

Het oude slachthuis is een belangrijk stuk industrieel erfgoed in Rome, en de ruime vleesverwerkingsruimtes zijn erg geschikt als expositiezalen voor fotografie en hedendaagse kunst. In een grote ruimte vlak naast de oude bassins voor leerbewerking exposeert tot begin augustus de Italiaanse kunstenaar Renzogallo. Even verderop ging kunstenaar Paolo Monti aan de slag met dollarbriefjes, die de bezoeker moeten aansporen na te denken over de rol van kapitaal en geld in de maatschappij.


Source: NRC — This article was automatically imported from the source. Read full article at original source →

NR
Originally published by NRC nrc.nl
Visit original article

admin

Leave a Comment