
Een scherpschutter van de Franse marine hangt in de vroege ochtend van 18 oktober 2025 uit de open deur van een helikopter boven de Atlantische Oceaan ten zuiden van het Portugese eiland Madeira. In het vizier van de schutter vaart een snelle speedboot. De helikopter is opgestegen vanaf een Frans fregat dat in de buurt vaart.
De operatie, die de naam Galgo meekreeg, is tien dagen daarvoor begonnen met een tip over een partij cocaïne die op volle zee bij Madeira zou worden overgeladen. De Fransen hebben daarna een verkenningsvliegtuig gestationeerd op het Portugese eiland om te speuren naar drugsschepen.
Die komen in alle soorten en maten. Het kunnen vracht- of vissersschepen zijn, zeilboten of zelfgebouwde onderzeeboten die net onder het wateroppervlak varen. Vanaf dat soort vaartuigen worden de drugs vaak overgezet op Narcolancha’s – speciale speedboten die duizenden kilo’s cocaïne met snelheden tot wel 130 kilometer per uur vanaf volle zee aan land brengen.
Het is voor het eerst dat de Franse marine op deze manier geweld gebruikt tegen drugssmokkelaars buiten territoriale wateren. En met succes. Er raakt niemand gewond en de Fransen vinden tijdens de operatie 2.300 kilo cocaïne en arresteren vijf verdachten. Videomateriaal van de helikopter wordt door de Franse marine gedeeld met enkele websites en is terug te vinden op YouTube.
De vangst in de Atlantische Oceaan is slechts het topje van de ijsberg, blijkt uit twee documenten die door de Duitse televisiezenders NDR en WDR en de Süddeutsche Zeitung zijn gedeeld met NRC, Le Monde, het Italiaanse Irpi Media enThe Washington Post. Het gaat om een Frans discussiestuk over de aanpak van grootschalige cocaïnesmokkel via de Atlantische Oceaan en een stuk van MAOC-N, een Europese organisatie tegen drugssmokkel op zee. Nederland is een van de leden.
MAOC-N waarschuwt voor de toenemende dreiging van cocaïnesmokkel via de Atlantische Oceaan in een vertrouwelijk stuk met de titel Call to Action. Volgens de organisatie is via deze route in 2025 naar schatting 800.000 kilo cocaïne naar West-Europa gesmokkeld. Daarvan is iets meer dan 70.000 kilo op volle zee onderschept. Die 800.000 kilo cocaïne vertegenwoordigde in 2025 een geschatte groothandelswaarde van 10 tot 15 miljard euro.
Om die nieuwe dreiging te beteugelen, is volgens het Franse discussiestuk „een permanente aanwezigheid van marineschepen” nodig die door meerdere Europese landen moeten worden geleverd. Een dergelijke missie zou volgens Frankrijk aan kunnen sluiten bij de anti-piraterij-missie die sinds 2008 koopvaardijschepen beschermt op wateren rond de Hoorn van Afrika.
De Spaanse politie filmde in februari 2024 de aanhouding van een Narcolancha met ruim 4.000 kilo cocaïne aan boord, ter waarde van tientallen miljoenen euro’s. Vier bemanningsleden, van Spaanse, Roemeense, Marokkaanse en Moldavische nationaliteit, werden aangehouden. De actie was 900 kilometer ten zuiden van de Canarische eilanden.
De Nederlandse overheid herkent, als lid van MAOC-N, de analyse van de Fransen, zegt een woordvoerder van het ministerie van Justitie en Veiligheid. De Fransen willen dat Nederland en andere MAOC-leden mee gaan patrouilleren op de Atlantische Oceaan maar heeft nog geen officieel verzoek gedaan. Als dat gebeurt zal het ministerie dat „zorgvuldig” beoordelen, aldus de woordvoerder.
In het algemeen stelt het ministerie dat drugssmokkel via de Atlantische route „een belangrijk thema” is voor Nederland. „We staan open voor verdere afstemming over capaciteit, informatie-uitwisseling en gezamenlijke aanwezigheid op zee.”
„We staan constructief tegenover internationale samenwerking, maar moeten eerst zorgvuldig kijken naar de randvoorwaarden.” Daarbij gaat het volgens het ministerie van Justitie om de juridische basis en het mandaat, de geweldsinstructie en de beschikbaarheid van materieel.
Waar komt die vloedgolf van cocaïne vandaan? Speedboten worden al langer gebruikt om over kleine afstanden hasj en cocaïne te smokkelen, bijvoorbeeld tussen Marokko en Spanje. Nieuw is dat het nu vele honderden kilometers uit de kust gebeurt en er grote hoeveelheden cocaïne door een armada van speciaal gebouwde speedboten aan land worden gebracht. Hoe is het drugssmokkelaars gelukt om binnen enkele jaren een ingenieus logistiek netwerk op zee te bouwen?
Twee mannen – vrijwel geheel in het zwart gekleed, met bivakmuts op – gebruiken voor een TikTok-filmpje tientallen jerrycans benzine als dansvloer. De jerrycans zijn geladen op het voorsteven van een Narcolancha die ligt op volle zee in de buurt van de Zuid-Spaanse havenstad Cádiz. De twee bewegen op het ritme van Spaanstalige reggaeton, zo is te zien op het filmpje dat op 1 december 2025 is gepost.
Het is een van de vele filmpjes die met het zoekwoord Narcolancha te vinden zijn op sociale media als TikTok en Instagram. Bemanningsleden filmen hun eigen boot of die van een ander. Soms liggen de boten stil, aan elkaar geknoopt als een drijvend platform. Op filmpjes zijn ook rechthoekige pakketten zichtbaar die lijken op dozen cannabis of cocaïne, zoals ook te zien bij inbeslagnames door de politie.
Een ander terugkerend thema op de filmpjes is de snelheid waarmee gevaren wordt. De Narcolancha’s zijn uitgerust met gigantische buitenboordmotoren, veelal van het merk Yamaha. De meeste hebben ten minste vier van die motoren. Kosten: 35.000 tot 40.000 euro per stuk. Op volle snelheid gebruikt zo’n motor per uur 50 tot 60 liter brandstof. Daarom zijn op bijna al deze speedboten grote aantallen jerrycans met benzine te zien – nodig om grote afstanden op volle zee te varen.
De verzameling filmpjes geeft zicht op een nieuwe ‘narco-cultuur’, vergelijkbaar met die in landen als Colombia en Mexico. „Het heeft wat weg van Mad Max, maar dan op het water”, zegt Dimitri Zoulas, het hoofd van de Franse narcoticabrigade Ofast. Het is een verwijzing naar de iconische filmreeks van de Australische regisseur George Miller met Mel Gibson in de hoofdrol.
Zoulas omschrijft de vloot Narcolancha’s tegen de Franse krant Le Monde als een „armada” op de Atlantische Oceaan. „Soms worden die boten aan elkaar geknoopt en vormen ze zo een kleine kolonie op het water.” Hij omschrijft de mannen aan boord als „soldaten gelinkt aan de Zuid-Amerikaanse kartels die bewapend de boot en de lading bewaken.”
Er varen inmiddels honderden van die boten op zee, zegt een lid van de Italiaanse narcoticabrigade die is gestationeerd bij MAOC-N en om veiligheidsredenen niet met naam wil worden genoemd. Hij vertelt tegen Irpi Media dat de eerste Narcolancha’s in 2017 werden gesignaleerd. Dat waren er vier, maar de aantallen groeien snel. „Alleen al in 2025 is naar 85 van deze boten onderzoek gedaan”, aldus de Italiaan.
De groei van die vloot met Narcolancha’s staat niet op zichzelf, vertelt de Nederlander Andy Kraag, hoofd van het European Serious and Organised Crime Centre bij Europol. Hij noemt de nieuwe logistieke keten voor drugssmokkel via de Atlantische Oceaan „de cocaïne-snelweg”.
De Narcolancha’s zijn actief in het gebied tussen de Azoren, de Canarische eilanden voor de West-Afrikaanse kust en het kustgebied van Portugal en Zuid-Spanje, met Madeira in het centrum. Net ten noordwesten van het Portugese eiland ligt een van de hotspots voor de overdracht van cocaïne. Het is de plek waar de Franse marine de speedboot heeft beschoten.
Onderzoek van de NDR, WDR en Süddeutsche Zeitung maakt duidelijk hoe groot het stuk oceaan is waar veel drugs worden overgedragen op de Narcolancha’s, zo’n 44.000 vierkante kilometer. Hoewel hier geen reguliere commerciële vaarroute loopt, zijn er in 2025 2.200 vrachtschepen gepasseerd. Ongeveer honderd van die schepen hebben verdachte bewegingen gemaakt zoals het minderen van vaart. Dat wordt vaak geassocieerd met drugsoverdracht.
El Puerto de Santa Maria in 2018 en 2026. In 2018 lagen hier nog geen inbeslaggenomen Narcolancha’s. Op het recente beeld wel. Dat illustreert het toegenomen gebruik van deze speedboten voor drugssmokkel.
Haven van Algeciras in 2018 en 2026, met op het recente beeld in beslag genomen speedboten.
Wat deze vermoedens voedt is dat in dit gebied volgens Andy Kraag op sommige dagen wel honderden Narcolancha’s worden gesignaleerd. „De overdracht gebeurt soms wel op duizend nautische mijl voor de kust, in internationale wateren buiten bereik van reguliere opsporingsautoriteiten.”
De grootste speedboten kunnen tot wel 5.000 kilo cocaïne vervoeren. Maar daarnaast worden de speedboten ook gebruikt voor de logistieke ondersteuning van de smokkel, ze vervoeren benzine, eten en water. „Aan elkaar geknoopt vormen deze boten een soort platform voor de overslag van drugs”, aldus Kraag. „Soms liggen die mannen daar weken achter elkaar, te wachten op een moederschip met cocaïne.”
Volgens Kraag gebruiken smokkelorganisaties ter coördinatie op zee professionele apparatuur en communiceren ze onderling via satellietaanbieders als Starlink. „Zo krijgen die jongens op het water hun orders, vinden ze de grote schepen die de cocaïne vanuit Latijns-Amerika transporteren en wordt overlegd met afnemers op de wal”, aldus Kraag.
Deze enorme logistieke operatie op zee is volgens Kraag opgezet om de grote West-Europese havens als Antwerpen, Hamburg en Rotterdam te vermijden. „Daar zijn de controles zo verbeterd dat smokkelen via containers minder aantrekkelijk is geworden”, aldus Kraag. Al betekent dat niet dat deze methode is afgezworen.
Dat blijkt ook uit de cijfers van inbeslagnames in Antwerpen en Rotterdam. Na het recordjaar 2023 – toen werd in Antwerpen, Rotterdam en Vlissingen bijna 180.000 kilo coke gepakt – is het aantal onderschepte kilo’s cocaïne in de jaren daarna ruimschoots gehalveerd. Gek genoeg is de groothandelsprijs van een kilo cocaïne tussen 2024 en nu ook ruimschoots gehalveerd: van een kleine 30.000 euro naar een dieptepunt van 13.000 begin dit jaar.
Die prijsdaling is het gevolg van een enorm snel gegroeid aanbod van cocaïne uit met name Colombia, zegt voormalig DEA-agent Derek Maltz. Hij heeft na de inauguratie van Donald Trump in 2025 nog een half jaar gewerkt als waarnemend directeur van de Amerikaanse opsporingsorganisatie DEA. „Europa wordt volledig overspoeld met cocaïne, de situatie is nog nooit zo zorgelijk geweest.”
De Colombiaanse kartels richten zich volgens Maltz op Europa voor de afzet van cocaïne „door de agressieve aanpak onder Trump”. De Verenigde Staten merken kartels aan als terroristische organisaties en vallen speedboten op routes vanaf Venezuela vanuit de lucht aan.
„De Colombiaanse kartels produceren nu meer cocaïne dan ooit en in Europa is veel winst te behalen en zijn de risico’s beperkt”, zegt Maltz. Volgens de voormalig DEA-functionaris hebben vooral Portugal en Spanje te maken met de netwerken die verantwoordelijk zijn voor deze „tsunami aan cocaïne”.
De Spanjaard Ceferino Trillo Lago beaamt dat tegenover Süddeutsche Zeitung. Hij is voorzitter van SIAT, een vakbond die onder andere de belangen van Spaanse douaniers behartigt. „De bemanningsleden van Narcolancha’s worden steeds gewelddadiger”, zegt Trillo Lago, die in het verleden zelf betrokken was bij achtervolgingen op het water. „Het is een nieuwe generatie smokkelaars. Ze zijn vaak bewapend en agressiever dan ooit.”
In januari van dit jaar raakten drie Spaanse opsporingsambtenaren gewond na een achtervolging van een Narcolancha op een rivier in de provincie Andalusië die de Zuid-Spaanse havensteden Cádiz en Huelva verbindt met Sevilla. Toen de speedboot van de smokkelaars vastliep, begonnen ze te schieten op de politie.
Nog heftiger is een incident dat zo’n tweehonderd kilometer uit de kust van Huelva plaatsvond op 8 mei van dit jaar. Bij een achtervolging van een Narcolancha kwamen twee agenten om bij een botsing tussen twee politieboten. Twee andere agenten raakten gewond. „Dit ongeluk laat zien dat het extreem gevaarlijk is om drugssmokkelaars op hoge snelheid te achtervolgen op het water”, aldus Trillo Lago.
En dat is niet het enige probleem bij de aanpak van deze nieuwe smokkelmethode, zegt het lid van de Italiaanse narcoticabrigade. Vanwege het grote aantal Narcolancha’s is het op zee onmogelijk om al die speedboten te pakken. „Je kunt niet iedere speedboot achtervolgen die je ziet. En voor iedere Narcolancha die je pakt, ontsnappen er twintig of dertig.”
Juist vanwege de omvang van de smokkel op zee vindt de Italiaanse drugsbestrijder dat andere Europese landen zich moeten inzetten. „We moeten dit niet overlaten aan Portugal en Spanje, dit is een Europees probleem dat alleen gezamenlijk succesvol kan worden aangepakt. We hebben meer marineschepen nodig.”
Dat is ook de kern van het Franse discussiestuk dat dit voorjaar is verspreid. Naast de oproep om marineschepen beschikbaar te stellen, bepleiten de Fransen ook een Europees juridisch kader om het bezit van Narcolancha’s in te perken, een maatregel die in Spanje al geldt.
Ook willen ze afspraken maken over de complexe juridische procedures nadat op volle zee schepen en bemanning zijn aangehouden. Wat moet er bijvoorbeeld gebeuren met de grote hoeveelheden cocaïne die daarbij in beslag worden genomen?
Hoewel Franse criminele netwerken niet betrokken lijken te zijn bij de smokkel, neemt de Franse overheid wel het voortouw, zegt Dimitri Zoulas, die spreekt van een Europees probleem. „De cocaïne die via Portugal en Spanje binnenkomt wordt door vrachtwagenchauffeurs uit bijvoorbeeld België, Nederland en Polen verder getransporteerd door heel Europa. Zo wordt de Europese Unie geconfronteerd met een fenomeen van ongekende omvang.”
Hoewel het belang van de Rotterdamse haven voor drugssmokkelaars is afgenomen, spelen Nederlandse criminele netwerken ook bij de nieuwe smokkelmethode een belangrijke rol. Volgens opsporingsbronnen gaat het bijvoorbeeld om Jos Leijdekkers – beter bekend als Bolle Jos. Vanuit het West-Afrikaanse Sierra Leone, waar hij sinds enkele jaren verblijft, is Leijdekkers betrokken bij de internationale drugssmokkel.
Zo is begin mei bij de Azoren een schip onderschept met 30.000 kilo cocaïne aan boord en vijf zwaar bewapende Nederlanders om de lading te bewaken. Ook werden tienduizenden liters benzine gevonden, wat het vermoeden voedt dat de drugs met Narcolancha’s aan wal moesten worden gebracht.
In mei van dit jaar onderschepte de Spaanse politie bij de Canarische eilanden het schip de Arconian met 30.000 kilo aan cocaïne aan boord.
Dit schip, de Arconian, wordt gelinkt aan Bolle Jos omdat het werd geladen in Sierra Leone. Ondanks meerdere verzoeken werkt het West-Afrikaanse land niet mee aan zijn uitlevering. Na de onderschepping van de Arconian heeft Nederland Europese landen gevraagd om de druk op Sierra Leone te verhogen door ontwikkelingshulp te korten. Het motto: misdaad mag niet lonen.
Op de vraag waarom Nederland wel zo’n verzoek doet aan de Europese partners, maar niet uit eigen initiatief gaat samenwerken met de Franse marinemissie, stelt het ministerie van Justitie dat er continu overleg is over „de beste inzet van capaciteit”. Binnen de Nederlandse opsporing leeft het idee dat er angst bestaat voor de militarisering van de opsporing van drugscriminaliteit.
In de Europese Unie bestaat daarover minder terughoudendheid. De Europese Commissie denkt, zo laat een woordvoerder weten, dat de inzet van marineschepen nodig is tegen de drugssmokkel via de Atlantische Oceaan en West-Afrika. Lidstaten met de geschikte marine-capaciteit kunnen daarbij volgens de Commissie-woordvoerder een belangrijke rol spelen.
„We hebben echt meer marineschepen nodig”, zegt de Italiaanse opsporingsambtenaar. „Maar daarmee zijn we er niet. Criminele organisaties reageren snel en veranderen constant van strategie. Hoe langer wij er over doen om te reageren, hoe moeilijker het wordt om drugsorganisaties te ontmantelen.”
Source: NRC — This article was automatically imported from the source. Read full article at original source →