/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/07/07092932/130726CUL_2035010768_camino5.jpg)
In The Way (2010) van regisseur Emilio Estevez vertolkt Martin Sheen een Amerikaanse arts wiens zoon in de Pyreneeën is verongelukt. Dat was op de eerste dag van zijn ‘Camino de Santiago’, de aloude bedevaart naar het graf van de heilige Jacobus in het Spaanse Santiago de Compostela. De vader reist naar Europa om de crematie te regelen en besluit ter plekke de tocht te ondernemen die zijn zoon, met wie hij een moeizame relatie onderhield, niet kon volbrengen. De voetreis blijkt voor hem de louterende uitwerking te hebben die vaak wordt geassocieerd met een pelgrimage.
Fragmenten uit de film worden getoond in de onderhoudende expositie over de Camino (wat in het Spaans eveneens ‘weg’ betekent) in Museum Krona in Uden, ter gelegenheid van het veertigjarig bestaan van het Nederlands Genootschap van Sint Jacob, dat als doel heeft wandelaars, fietsers en anderen die naar Santiago de Compostela willen op weg te helpen. Aan de hand van kunst- en gebruiksvoorwerpen, vaak uit de eigen collectie, laat de tentoonstelling zien hoe het middeleeuws-christelijke karakter van de pelgrimage steeds meer is samengegaan met en vervangen is door aspecten als natuurliefde, prestatiedrang, of het opdoen van een, soms levensveranderende, spirituele ervaring.
Een paar uitzonderlijk goed bewaard gebleven leren laarzen uit de 14de eeuw (Dordrechts Museum), en de wandeluitrusting van de heilige Birgitta die in 1341 van Zweden naar Santiago (en terug) liep, brengen de middeleeuwse pelgrimage dichtbij. Foto’s van hedendaagse kunstenaars en wandelaars tonen het soms adembenemende landschap dat zij doorkruisen en de onderkomens waar ze eten, overnachten en hun blaren verzorgen. Een loopband uit de fitnessclub knipoogt naar de sportieve prestatie die zo’n tocht ook is.
Uit de fotoserie ‘Santiago de Compostela’, van Wiesje Peels, uit 2010.
De film over de vader die al wandelend in het reine komt met de dood van zijn zoon vindt een parallel in een oude pelgrimslegende, zoals uitgebeeld in een groot beschilderd drieluik uit het Antwerpen van omstreeks 1530 (Städtisches Kramer-Museum, Kempen). Daarin ondernemen een vader en zijn zoon samen de tocht, tot de zoon valselijk wordt beschuldigd en aan de galg wordt opgehangen. De bedroefde vader reist alleen verder. Op de terugweg treft hij zijn zoon weliswaar nog hangend aan de galg maar levend en wel aan: al die tijd had de heilige Jacobus zelf de jonge man ondersteund.
Afstanden in geografie en chronologie tussen de verschillende werken worden geslecht door de ingenieuze inrichting van de expositie als levend ganzenbord. Het ontstaan van dit bordspel wordt, overigens zonder bewijs, wel geassocieerd met de Camino, en in een Spaanse toeristenversie van het spel staan telkens de Noord-Spaanse etappeplaatsen vermeld in de velden van het bord. Die zijn in Museum Krona ook op de vloer geprint. Aan het begin kan de bezoeker zich laten voorzien van door Gijs Assmann en Ulrike Rehm vormgegeven gewaden, wandelstokken en dobbelstenen, om aldus het spel te spelen en zich, net zoals een zoekende pelgrim, met sprongen heen en weer in tijd en plaats door de expositie te bewegen. Het is aardig gevonden maar het concept komt ook geforceerd over: van de beoogde ontmoetingen en gedachtewisselingen met medepelgrims komt in een museum niet veel, en een directe relatie van de Camino met het spel is ook ver te zoeken. Een uitzondering is veld nummer 58 ‘de dood’ waar aandacht wordt besteed aan de spirituele of psychologische dood die, met de kathedraal van Santiago op het eindveld 63 bijna in zicht, leidt tot catharsis.
Een verwijzing naar het moderne succes van de Camino zit in een fragment uit The Way waarin Martin Sheen op een ochtend zijn tocht begint. Bij de voordeur van zijn hotel loopt hij welgemoed de verlaten straat in. Even voorspelbaar als vermakelijk is de groep vrolijke wandelaars die enkele seconden later in beeld komt, precies vanuit de richting die Sheen net was ingeslagen, en waar hij dan maar een eindje achteraan sukkelt. Net als vroeger is de hedendaagse Camino een, deels innerlijke, zoektocht waarvan niemand de route vooraf precies kent. Maar anders dan eeuwenlang het geval was, leg je hem, met meer dan een half miljoen deelnemers per jaar, tegenwoordig bepaald niet meer af in eenzaamheid.
Pelgrims op de Camino de Santiago.
Source: NRC — This article was automatically imported from the source. Read full article at original source →