/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/07/09174633/140726BIN_2034203903_tZandt04.jpg)
Aan het einde van de Vinkenstraat, waar de huizen eindigen en een wandelpad begint, staan twee picknicktafels. ‘t Vinkenploatske, uitrustplek voor iedereen! staat op het straatnaambord. Het is het enige dat Nij Begun de Vinkenstraat in het Groningse dorp ’t Zandt tot nu toe heeft gebracht – het ‘Nieuw Begin’ dat Groningen na de gaswinning en de parlementaire enquête was beloofd. De tafels zijn aangeschaft met het inwonersbudget van Nij Begun, waarmee bewoners subsidie kunnen krijgen voor initiatieven die hun buurt, wijk of dorp „leuker, mooier of socialer” maken.
Aan de picknicktafels zitten de bewoners. Ruim drie jaar geleden vertelden ze in NRC over hun situatie. Hun huizen hadden door de aardbevingen allemaal flinke schade opgelopen. Toch werden die verschillend behandeld bij het onderzoek of ze nog veilig genoeg zijn bij nieuwe bevingen. Woningen met even nummers waren door de Nationaal Coördinator Groningen (NCG) onveilig verklaard en zouden ingrijpend versterkt worden. Terwijl bijna identieke huizen daar recht tegenover, met oneven nummers, veilig werden verklaard en niet zouden worden versterkt. Alsof de aardbevingen ophouden in het midden van de weg, zei een van de bewoners.
Geen van de woningen waarover NRC schreef is intussen versterkt. Bewoners zijn verstrikt geraakt in de bureaucratie van de versterking. En die operatie, waarbij in totaal 28.000 huizen zijn betrokken, dreigt nu nog verder te vertragen. Het Adviescollege Veiligheid Groningen (ACVG) heeft fouten ontdekt in rapporten waarin wordt vastgesteld of een huis veilig is.
Johan en Lydia Kruger, huisnummer 5, gaan „gewoon door”, zeggen ze. „We willen verder met ons huis.” Dat was tot hun ongenoegen eerst veilig verklaard. Na een bezwaarprocedure zal het nu alsnog worden versterkt, maar volgens Johan stelt dat niet veel voor. „Hier en daar een ankertje in de muur, wat strips en balkjes tussen verdiepingsvloeren, meer niet.” De achtergevel, waarover zij het meest bezorgd zijn, zou sterk genoeg zijn. Omdat zij die beoordeling niet vertrouwen, hebben ze nieuw onderzoek aangevraagd.
Ook met de rest van het huis kan de aannemer nog niet beginnen, omdat de NCG wil dat kosten voor versterking en isolatie worden uitgesplitst. „Voor kleine aannemers is dat lastig”, zegt Johan.
Bij huizen waarvan al veel langer bekend was dat ze moeten worden versterkt, is ook nog niets gebeurd. Zoals het huis van Jolanda en Remco Jager-Smit, aan de overkant van de straat, op nummer 14. Daarvoor lag oorspronkelijk een versterkingsplan klaar van 264.929 euro. Maar Jolanda zag dat het rapport technisch niet deugde. Er moesten bijvoorbeeld muren worden verstevigd die er niet zijn. Na herbeoordeling ligt er nu wel een plan waarmee ze akkoord gaan, maar ze moeten nog wachten op doorrekening van de kosten. Jolanda: „We zijn inmiddels elf jaar bezig en er is nog geen spijker in de muur geslagen.” Intussen loopt het uitgestelde onderhoud op. De versterking zou in februari 2027 moeten beginnen, maar Jolanda „gelooft er geen bal van”.
Bewoners van de Vinkenstraat in ’t Zandt praten met elkaar over de problemen rondom de versterking van hun huizen.
Ook andere bewoners in de straat zijn de motivatie kwijt om zelf nog aan onderhoud te doen. „Het breekt je op als je telkens weer nieuwe scheuren in je gevels ziet”, zegt Nico Kobes van huisnummer 2. In november werden de bewoners opgeschrikt door weer een beving, een van de zwaarste die ze hadden meegemaakt. Midden in de nacht zaten ze rechtop in bed. De een heeft een noodhamer klaarliggen om een ruit in te kunnen slaan als het huis instort, de ander heeft een noodpakket en dekens klaargelegd in de buitensauna.
Natascha Broersma van huisnummer 7 slaapt met een joggingbroek aan, zodat ze zo snel mogelijk het huis kan verlaten. „Bij elke beving sta je te trillen op je voeten”, zegt haar man Marten Wierenga. Ze hebben een keet naast het huis gezet waarin ze in geval van nood kunnen wonen. Hun huis vertoont steeds meer scheuren en de vloer is, net als de Groningse bodem, gaan golven. Maar volgens de NCG is het veilig. Ze worden er cynisch van: „Een heel bijzonder huis”, zegt Marten. Ze vroegen schadevergoedingen aan, waarvan ze het huis dan maar zelf willen versterken. Marten: „Al die tijd doe je niks aan je huis, het verwaarloost compleet.”
Hoewel het grote Groningen-gasveld is gesloten, kan het nog tientallen jaren duren voor de bodem tot rust komt. Bewoners hebben het gevoel dat er buiten Groningen weinig begrip is voor de impact van de bevingen. Het leeft niet, zeggen ze, behalve als de gasprijzen hoog zijn. Jolanda: „Dan roept iedereen direct: de gasputten moeten weer open.”
Ook het huis van Kees Lijnema, huisnummer 1, werd als veilig beoordeeld, maar zijn „onderbuikgevoel” zegt dat het niet klopt. „Bij een aardbeving donderen de spullen uit de kasten en hoor je een hoop gekraak van het achterhuis”, zegt hij. In de achtergevel zitten scheuren en ook zijn dak vertrouwt hij niet. Een extern ingenieursbureau bekeek het rapport en ontdekte dat cruciale cijfers en berekeningen ontbraken. Toch werd zijn bezwaar door de NCG „van tafel geveegd”, zegt hij. Met zijn advocaat stapt hij nu naar de Raad van State.
Niet iedereen heeft zoveel uithoudingsvermogen. Een bewoonster die niet bij de picknicktafel aanwezig is, is gestopt met het versterkingsproces. Zij kan nu tenminste zelf aan de slag met het opknappen van haar huis, zeggen de buren.
De huizen in de Vinkenstraat worden nog steeds allemaal verschillend behandeld, hoewel ze op een paar na zijn gebouwd volgens hetzelfde bouwplan. En er zijn meer verschillen bij de versterking die vragen oproepen bij de bewoners. Elders in het dorp zijn tientallen huizen gesloopt en vervangen door nieuwbouw, die bewoners hebben splinternieuwe huizen gekregen.
Als compensatie voor dit soort moeilijk uitlegbare verschillen heeft de overheid een subsidie ingesteld voor de verduurzaming van huizen die minder zwaar worden versterkt. De keerzijde is dat dit leidt tot nog meer vertraging, zeggen de bewoners van de Vinkenstraat. Eerst moet een rapport worden opgesteld over mogelijke verduurzamingsmaatregelen, daarna moeten die worden doorgerekend.
De versterkingsoperatie, waarbij ongeveer de helft van de 28.000 onderzochte huizen moet worden versterkt of herbouwd, begon in 2015 en moest oorspronkelijk in 2028 worden afgerond. Inmiddels is de verwachting dat dit tot 2032 duurt. Dat dit zo traag loopt, ligt volgens de bewoners niet aan de projectleiders en de bewonersbegeleiders die ze toegewezen hebben gekregen. Het zijn de mensen daarbóven, de juristen en de controllers, díé zijn het probleem.
Als ze naar het hoofdkantoor van de NCG bellen, krijgen de bewoners te horen dat ze teruggebeld worden. Maar dat gebeurt niet, zeggen ze. Dan kun je beter naar het NCG-loket in het dorp gaan, om te vragen of er al iets bekend is. Sommige bewoners gaan er regelmatig langs, ‘gewoon voor een bakje koffie’. Want soms, als je daar bent, is er ineens nét nieuws, héél toevallig, zeggen ze.
Vasthoudend zijn, dat is het devies. De bewoners van huisnummer 1B, Henk Dijkhuis en Joke Kok, kregen eerst te horen dat hun gevels, die uit het lood stonden, met een stuk of acht muurankers zouden worden versterkt. Dat kon ook meteen gebeuren, de aannemer was al in de buurt. Maar daar gingen ze niet mee akkoord. Daarna kon er ineens veel meer: nieuwe puntgevels, een nieuw dak, nieuwe deuren en kozijnen. Henk vindt het zelf ook oneerlijk. „De een krijgt wel wat, maar degene die zich stilhoudt, krijgt niks, of heel weinig.”
De bewoners zijn bang voor nog meer vertraging, nu er fouten zijn ontdekt in de rapporten over de veiligheid van huizen. Het onafhankelijke Adviescollege Veiligheid Groningen (ACVG) deed hier op verzoek van het vorige kabinet onderzoek naar. Het college ontdekte fouten en slordigheden in rapporten en stuitte op incomplete dossiers. Het is nog onduidelijk hoeveel woningen toch niet aan de veiligheidsnorm voldoen. Het ACVG verwacht dat het gaat om zo’n 80 tot 120 woningen.
Het maakt inwoners van wie de woning veilig is verklaard onrustig, merkt advocaat Jewan de Goede, die Kees Lijnema en andere inwoners bijstaat. „Zij komen bij mij omdat ze willen weten of hun dossier klopt. Het is nu bevestigd dat er inderdaad fouten gemaakt zijn. Maar er komt nog een lange periode van onzekerheid voor bewoners aan. Hoe is mijn woning beoordeeld en klopt dat wel, vragen ze zich nu af.”
De NCG schat dat in zo’n achtduizend rapporten mogelijk fouten zijn gemaakt. De organisatie zegt „zorgvuldig te onderzoeken” waar extra controles nodig zijn. Jolanda en Remco kregen een telefoontje van hun bewonersbegeleider, die vertelde dat hun huis er niet bij zit. Ze zijn opgelucht, maar vinden wel dat de NCG het probleem „nogal klein maakt”. Andere bewoners verkeren nog in onzekerheid.
Vlak na het verschijnen van het ACVG-rapport valt er in de Vinkenstraat een flyer in de brievenbussen in de vorm van een ijsje. Het is een uitnodiging om „gezellig” langs te komen in het dorpshuis: „NCG en gemeente Eemsdelta trakteren op een gratis ijsje”, staat erop.
Source: NRC — This article was automatically imported from the source. Read full article at original source →